12/07 Wellerismen

Taal verzamelen – alle beetjes helpen

door Henk Jongsma, hoofdauteur Nieuw Topniveau

Verzamelen – ach, we hebben het toch allemaal gedaan? Of we doen het nog. En als je eens op een verzamelbeurs rondloopt, ontdek je dat je het zo gek niet kunt bedenken of het wordt verzameld. Af en toe hoor je of lees je zelfs over iemand die zijn huis bijna niet meer in kan, omdat alles vol staat met zijn of haar verzameling. Nou, dan kun je beter een taalverzameling beginnen!

H.L. Cox en Jurjen van der Kooi hebben dat gedaan. Zij verzamelden wellerismen en maakten daar een mooi boek van: Alle beetjes helpen. Nederlandse, Friese en Vlaamse wellerismen.

      Wellerismen zijn spreuken waarin iemand iets zegt: ‘Ik begin van voren af aan, zei de dief, toen stal hij het schaap dat vlak bij het hek stond’ bijvoorbeeld. Zo’n spreuk bestaat vrijwel altijd uit drie gedeelten: een uitspraak – de spreker – het sluitstuk. Dat laatste deel kan trouwens ook ontbreken. De combinatie van de drie delen levert altijd iets grappigs op, vaak doordat er met woorden en woordbetekenissen wordt gespeeld: ‘Het zal vandaag een warme dag worden, zei de ene dief tegen de andere, en ze zouden gebrandmerkt worden’ of: ‘Vergissen is menselijk, zei de man, van beesten hoor je dat niet’.

      Dit soort spreuken zijn genoemd naar de figuren Samuel en Tony Weller uit de roman The Pickwick Papers van Charles Dickens (eigenlijk The Posthumous Papers of the Pickwick Club) uit 1836. Vooral Samuel Weller gebruikt om de haverklap zo’n spreuk.

      De Nederlandse schrijver Jacob van Lennep liet in zijn roman De lotgevallen van Ferdinand Huyck uit 1840 een van de figuren, kapitein Pulver, ook steeds dit soort uitspraken doen (deze roman vind je op http://www.dbnl.org/tekst/lenn006lotg01_01/). In Nederland worden deze spreuken geen pulverisme genoemd, maar ‘zeispreuken’ en ‘apologetische spreekwoorden’. Cox en Van der Kooi maken in hun inleiding duidelijk dat de term wellerisme de voorkeur verdient.

      Cox en Van der Kooi hebben 4475 van dit soort spreuken verzameld en bij elke spreuk hebben ze vermeld waar ze die hebben gevonden; vaak in oudere verzamelingen, maar ook in oude volksverhalen en kluchten. Ze hebben er zelfs een paar gevonden op internet.

      Al die spreuken hebben ze, om hun verzameling overzichtelijk te houden, geordend in rubrieken. Hoofdstuk 14 bijvoorbeeld bevat 201 spreuken over dieren, alfabetisch geordend op de naam van het dier (Van ‘Dat is lelijk, zei de aap, en hij bescheet zijn jong’ tot ‘Niet om mijnen wil, zei de wolf, maar de schapen waren best in die weide’). In hoofdstuk 7 zijn de wellerismen met beroepen en standen verzameld (1116 stuks!) enzovoort.

      Een prachtig boek om in te bladeren dus. Sommige spreuken zijn wel wat flauw, andere wel wat erg oubollig, maar de meeste zullen de lezer toch op zijn minst een glimlach ontlokken. Daar komt bij dat de verzamelaars de spreuken hebben opgenomen zoals ze die hebben gevonden, dus met alle mogelijke taal- en dialectverschillen. Misschien moet er ook af en toe een woordenboek worden geraadpleegd (‘Dat is pas vedelen, zei Pieter Matthijs, en hij speelde door de snaren’), soms is enige kennis van oude beroepen en gebruiken nodig (‘Daar is geen vermakelijker brand dan nat hout en bevroren turf, zei Pieter, want het hout zingt en de turf luistert er naar’).

      Je zou kunnen denken dat er tegenwoordig niet meer van dit soort spreuken worden bedacht, maar dat is niet waar. Wie er op let zal zeker ook moderne varianten kunnen vinden. Of misschien nog mooier: we zouden zelf moderne varianten kunnen maken. Maak er een boeiende les van: bedenk in groepjes moderne varianten op oude wellerismen. En bedenk er zelf ook een! ‘Alle beetjes helpen, zei de mug, en piste in de zee’.

      Of kijk of de verzameling nog kan worden aangevuld. Ik miste een spreuk van mijn vader: ‘Alles met mate, zei de snijder, en hij sloeg zijn vrouw met de ellestok’. Op zoek dus naar meer, want elke verzamelaar wil toch alles hebben?

Alle beetjes helpen. Nederlandse, Friese en Vlaamse wellerismen.
Een compendium van H.L. Cox en Jurjen van der Kooi. Een gezamenlijke uitgave van het Fries en Nedersaksisch Instituut van de RU Groningen, de Stichting FFYRUG en de Stichting Sasland. €20,-. Bestellen: schriftelijk bij FFYRUG, Postbus 716, 9700 AS Groningen. ISBN 978-90-801325-5-9