|
04/08 Taalregels
Wie of wat moet er veranderen?
door Henk Jongsma, hoofdauteur Nieuw Topniveau
Elke dag worden heel veel verkeersregels vele malen overtreden. We rijden te hard, geven geen richting aan, negeren het stoplicht, fietsen zonder licht of we fietsen over de stoep …
We weten het, en, als we worden betrapt, accepteren we de bekeuring, of, als het meevalt, de vermaning van de agent. En soms zijn we kwaad als we bestraft worden voor een (op dat moment zinloze) regel: wachten voor een stoplicht als er verder geen verkeer is, bijvoorbeeld.
Zinloze regels moeten worden geschrapt, vinden we. Maar regels moeten er zijn.
De Taalclub heeft in een kortgeleden uitgegeven boekje nog een ander idee: regels die massaal worden overtreden, moeten we schrappen. Dat lijkt, als het om verkeersregels gaat, een aantrekkelijke gedachte: geen bekeuringen meer voor snelheidsovertredingen. Maar De Taalclub beperkt zich tot taalregels. Veel mensen die schrijven maken fouten, stellen zij. Mensen die de regels kennen (of denken te kennen) klagen over die fouten. Maar dat klagen helpt niet. En, stelt de club, al die lesuren die aan die taalregels besteed worden helpen ook niet. En taaladviesboeken zetten ook al geen zoden aan de dijk.
Dus, zegt de club, wordt het tijd voor een andere aanpak: als we de gebruikers niet kunnen veranderen, veranderen we de regels. Succes verzekerd!
Een goedkope redenering van die taalclub? Nou nee. Want er zijn regels die eigenlijk overbodig of gekunsteld zijn. In het boekje worden tachtig regels besproken.
En meteen de eerste is een goed voorbeeld van een strikt genomen overbodige regel. We moeten schrijven: een aantal (mensen) heeft …, maar heel vaak zie je: een aantal mensen hebben … Is er betekenis verschil? Jazeker, en dat wordt in de bespreking van de regel heel goed uitgelegd. Maar veel (de meeste?) mensen zien dat verschil niet. Ze nemen niet ‘aantal’ als bepalend woord, maar het woord dat daar vlak achter staat (mensen) en schrijft dus de persoonsvorm in het meervoud. Levert dat misverstanden op? Welnee. En dus, zegt De Taalclub, reken gewoon allebei goed.
Nog zo’n voorbeeld: veel mensen schrijven ‘zoveel mogelijk’, maar volgens de regels moet het zijn: zo veel mogelijk (drie woorden). Die regel sluit niet aan bij de uitspraak, stelt de club: er is maar één hoofdklemtoon te horen, en in die gevallen is aaneenschrijven gebruikelijk en voor de hand liggend. De nieuwe regel zou moeten zijn: we schrijven ‘zoveel mogelijk’ (twee woorden).
Nog één voorbeeld: met wie / waarmee. De regel is helder: bij personen de ‘wie’-vormen, bij zaken de vormen met ‘waar’. En toch wordt die regel massaal overtreden; de wie-vormen klinken veel formeler, kunstmatiger, de waar-vormen klinken natuurlijker. En er is nog iets waar De Taalclub op wijst: bij woorden die een meervoud aanduiden (de groep, het gezelschap) wordt bijna altijd de waar-vorm gebruikt. Dus als het daar kan … afschaffen die regel.
Wel, zo worden er dus tachtig regels beknopt, maar duidelijk, met goede voorbeelden, besproken. En alleen al daarom is het een heel nuttig boekje: je kunt het heel goed gebruiken om de regels nog eens goed te bestuderen. En het kan al helemaal geen kwaad om bij veel kwesties je af te vragen of we te maken hebben met een ‘echte’ taalregel of met een onnatuurlijke, bedachte taalregel.
Het biedt bovendien de mogelijkheid nog eens te kijken naar het onderscheid tussen spreek- en schrijftaal, en naar de ontwikkelingen in de taalgeschiedenis, de rol van de (normatieve) wetenschap daarin, enzovoort.
En het boekje kan aanleiding geven tot aardige discussies. De ‘zo veel’- regel kan wat mij betreft verdwijnen, aan de regel dat we voor ‘en’ geen komma zetten hield ik me toch al niet, maar om nu ook al ‘volgens mijn mening’ of ‘zo optimaal mogelijk’ goed te rekenen, nou nee. En zouden met het afschaffen van al die regels niet ook veel lessen Nederlands kunnen verdwijnen, waardoor weer mensen werkloos zouden worden? Of worden ze dan juist werkeloos? Mooie regel …
De Taalclub: Groter als. Nieuwe regels voor het Nederlands van nu.
Uitgave Adr. Heinen Uitgevers, ’s-Hertogenbosch, 2008
ISBN 9789086800988
|