03/07 Calendarium

Meer dan jaartallen

door Henk Jongsma, hoofdauteur Nieuw Topniveau

Misschien ken je ze wel, die boekjes met hele rijen gebeurtenissen op een rij, op jaartal geordend. Handig misschien om snel in je hoofd te stampen (waarvoor eigenlijk), maar veel meer nut hebben ze eigenlijk niet. Als er dus een boek wordt aangekondigd onder de titel Calendarium van de Nederlandse taal, met als ondertitel De geschiedenis van het Nederlands in jaartallen, denk je waarschijnlijk al gauw: da’s niks voor mij, dat soort dorre jaartallenlijstjes.

Dat zou jammer zijn, want dit (ook nog eens prachtig uitgegeven) boek, is allerminst dor of saai. Inderdaad, het boek staat vol jaartallen. Het begint in 57 v.C (de Lage Landen komen onder de invloedssfeer van het Romeinse Rijk te liggen) en het eindigt ruim 300 bladzijden verder in 2006: In november verschijnt het eerste calendarium van de Nederlandse taal.

Opvallend is dat er over (bijna) elk jaar wel iets te vertellen valt. Nou ja, van die heel vroege tijd weten we natuurlijk niet zo veel, dus daar moeten er wel wat grotere sprongen worden gemaakt: van 57 v.C. naar 52 v.C. naar 12 v.C. bijvoorbeeld. Maar later moeten er voor elk jaar veel lemma’s worden opgenomen, zoveel gebeurt er dat invloed heeft op de taal. Het jaar 1994 bijvoorbeeld telt 15 lemma’s. In dat jaar verscheen een rapport waarin werd gepleit voor een progressieve spelling (met sjampo en sitroen), verscheen op internet de eerste Friestalige site, ging Onderweg naar morgen de strijd aan met Goede Tijden Slechte Tijden, werd het begrip poldermodel gemunt en werd voor het eerst gesproken over Nederturks. Voor het eerst werden in dat jaar de woorden dvd, flitspaal, burn-out en filemelding gebruikt. Nicoline van der Sijs vermeldt er dan meteen bij dat er in dat jaar 12.713 filemeldingen waren!

In 1994 verscheen ook het Vergeetwoordenboek, een boek waarin auteurs schreven over verdwenen dingen aan de hand van verdwenen woorden, zoals aapjeskoetsier en dienstbode. In dat jaar werd ook de dienstplicht afgeschaft, en als je even nadenkt  is het niet zo moeilijk het verband tussen deze gebeurtenis en de taalgeschiedenis te zien.

Het boek staat vol met interessante weetjes, op allerlei terreinen. Nog een (willekeurig) voorbeeld: in 1973 verscheen de eerste aflevering van de voetbalstrip F.C.Knudde en werd ook de Commissie Duidelijke Taal ingesteld die de communicatie tussen regering en bevolking moet verbeteren. Je kunt je afvragen welke van deze twee gebeurtenissen de meeste invloed heeft gehad. Zo prikkelt vrijwel  elke bladzij de verbeelding en de nieuwsgierigheid van de lezer.

De schrijfster heeft tussen al die jaartallen door kaderteksten geplaatst, waarin bepaalde zaken uitvoeriger worden omschreven en nader toegelicht. En ook dan zorgt ze voor verrassingen. In paragraaf 6.14 bespreekt ze bijvoorbeeld Nieuwe woorden en uitdrukkingen in het roerige politieke jaar 2002. De grootste invloed op de taal  dat jaar had Pim Fortuyn ( ik heb er zin an, at your service, ik zeg wat ik denk en ik doe wat ik zeg),  maar ook Willem Alexander blijkt dat jaar de taal verrijkt te hebben: het is ook maar een mening. En van al die ‘verrijkingen’ weet Nicoline van der Sijs dan ook nog eens interessante achtergronden te vertellen.

Het boek staat letterlijk vol verrassingen. Een daarvan: pas in 1482 werd voor het eerst gesproken van  Nederlandsche tale als tegenstelling van Overlandsche tale (= Duits). Het is hetzelfde jaar waarin Jan van Schaffelaar van de toren van Barneveld springt, een gebeurtenis die o.a. een rol speelt in een boek van Thea Beckman. Het is ook het jaar waarin de eerste Franse school in de Nederlanden wordt gesticht: een handelsopleiding (in het Frans) voor jongens en meisjes tussen de tien en de vijftien jaar. Het eerste taalonderwijs in een voor ieder toegankelijke school, als dat geen interessant weetje is…

Nicoline van der Sijs kon dit boek maken dankzij de Prijs voor de Geesteswetenschappen die het Prins Bernhard Cultuurfonds haar toekende  voor al haar vorige boeken. Dat prijzengeld leverde dus meteen weer een nieuw boek op. Ieder die in dit boek gaat bladeren zal moeten erkennen dat dit geld goed besteed is. Misschien had er een waarschuwing voorin moeten staan: Bladeren in dit boek werkt verslavend. Maar het is gelukkig een gezonde verslaving. Ik ben nog lang niet uitgebladerd en uitgelezen. Zorg dat je het in handen krijgt, dit prachtige boek.

Nicoline van der Sijs:
Calendarium van de Nederlandse taal.
De geschiedenis van het Nederlands in jaartallen.
Sdu Uitgevers, Den Haag, 2006.
ISBN 90 12 11737 2