|
12/04 Mensenwerk
Taal als mensenwerk
door Henk Jongsma, hoofdauteur Nieuw Topniveau
Onze taal, het Nederlands, de taal die we elke dag gebruiken, die is er natuurlijk gewoon. En misschien denk je wel dat die taal er altijd geweest is. Hoewel, honderd jaar geleden was het Nederlands niet helemaal hetzelfde als nu. Sommige woorden die wij gebruiken bestonden toen nog niet, bijvoorbeeld omdat ook het voorwerp (computer) of het verschijnsel (inburgeren) nog niet bestond. Andere woorden die ze toen gebruikten zijn verdwenen.
Nicoline van der Sijs gaat in haar nieuwste boek veel verder: onze taal is door mensen bedacht. De grammaticaregels waar jij in de lagere klassen zoveel opdrachten over kreeg, komen niet uit het Nederlands. Nee, die zijn door mensen in het Nederlands gestopt toen ze van alle verschillende streektalen één standaardtaal maakten, een taal die voor alle inwoners van Nederland moest gelden.
De regels voor onze werkwoordspelling zijn door geleerden bedacht, trouwens al onze spellingregels zijn bedacht. Een voorbeeld? Laten we eens kijken naar de spelling van de tweeklank oei. Op bladzij 235 vind je een overzicht met vier spellingsvoorstellen uit de zestiende eeuw. De geleerden gaven voor koeien (toch een heel erg Hollands woord) de volgende voorschriften:
Lambrecht 1550: coeïen
Sexagius 1576: kouien
De Heuiter 1581: kouïen
Twe-spraack 1584: koeyen
En inderdaad, ze hebben geen van allen hun zin gekregen.
Nog zo’n mooi voorbeeld: het wederkerend voornaamwoord zich. Nu zeggen we: hij wast zich, zij wast zich. In de meeste dialecten wordt gezegd: hij wast hem en zij wast haar. En soms, om verwarring te voorkomen, zeggen we: hij wast z’n eige, zij wast haar eige. In dit nieuwe boek van Nicoline van der Sijs kun je lezen dat ooit iedere Nederlander dat deed, alleen in het uiterste oosten (dus tegen Duitsland aan) werd sich gebruikt. Maar omdat in de zestiende en zeventiende eeuw alle geleerden voor zich kozen, werd dat ‘goed Nederlands’ en werden de oorspronkelijke vormen afgekeurd als ‘plat’, onbeschaafd.
In het boek (meer dan zeshonderd bladzijden) vind je een overvloed aan bewijzen voor de stelling van de schrijfster: taal is mensenwerk. In het boek kun je lezen hoe dat gaat, en dus kun je ook zien hoe je, als je zou willen, mee kunt werken aan het ‘maken’ van de taal. Want dat is natuurlijk het leuke: omdat taal mensenwerk is, kunnen wij allemaal onze bijdrage leveren!
Taal als mensenwerk is een dik boek, boordevol interessante gegevens en redeneringen. Natuurlijk is de geschiedenis van de Nederlandse Taal wel eens eerder beschreven, maar het aardige van dit boek is dat de schrijfster helemaal opnieuw begint. Zij zocht zelf uit hoe het allemaal gegaan is en daarbij deed ze interessante ontdekkingen. Zo ontstond er een verrassend boek, dat erg vlot leest, juist door de vele voorbeelden. Blader er eens in als je het in mediatheek of bibliotheek in handen krijgt. Gegarandeerd dat je zo een half uurtje doorleest of -bladert!
Nicoline van der Sijs: Taal als mensenwerk: het ontstaan van het ABN.
Uitgave SDU Uitgevers, den Haag, 2004
|